De Belastingdienst heeft zich uitgesproken over de mogelijkheid voor een vereniging om via obligatieleningen van de leden op een fiscaal aantrekkelijke manier geld aan te trekken. Hoe werkt dit?
Obligatieplan
In de casus die voorgelegd is bij de Belastingdienst wilde een sportvereniging geld ophalen voor de realisatie van een aantal sportfaciliteiten. Het obligatieplan dat daarvoor bedacht was, werkte als volgt:
Een lid van de vereniging leent via een obligatielening geld uit aan de vereniging.
Deze obligatielening wordt in een bepaald aantal jaren afgelost door de vereniging.
Op de obligatielening wordt door de vereniging een zakelijke rente vergoed.
Het lid maakt met de vereniging een akte van schenking op, waarbij het lid jaarlijks gedurende minimaal vijf jaar een vast bedrag aan de vereniging schenkt.
De door de vereniging te betalen aflossing en rente op de obligatielening worden verrekend met deze jaarlijkse schenking.
Het verstrekken van een obligatielening door een lid gaat altijd gepaard met de periodieke schenking zoals hiervoor beschreven.
Let op! De sportvereniging in deze casus voldeed aan de definitie die geldt voor het aftrekbaar zijn van een periodieke gift aan een vereniging. Een vereniging voldoet hieraan als ze niet aan de vennootschapsbelasting is onderworpen of daarvan is vrijgesteld. Daarnaast moet de vereniging volledige rechtsbevoegdheid en minimaal 25 leden hebben.
Periodieke gift aftrekbaar?
De vraag aan de Belastingdienst was of de periodieke gift die het lid aan de sportvereniging doet, aftrekbaar is als periodieke gift. De Belastingdienst heeft hierop geantwoord dat sprake is van een aftrekbare periodieke gift als het een reële geldlening betreft met een zakelijk rentepercentage. Uiteraard moet ook aan de overige voorwaarden voor de periodieke giftenaftrek worden voldaan.
Let op! De overige voorwaarden voor periodieke giftenaftrek zijn opgenomen op de website van de Belastingdienst.
Reële geldlening
Voor een reële geldlening is volgens de Belastingdienst in ieder geval een terugbetalingsverplichting nodig. Verder moet de geldlening voldoende realiteitswaarde hebben. Dit betekent dat:
het bedrag van de geldlening door het lid daadwerkelijk moet worden overgemaakt naar de vereniging,
in de overeenkomst de duur van de geldlening is opgenomen;
de vereniging ook over de vereiste middelen beschikt om aan de terugbetalingsverplichting te voldoen.
Zakelijke rente
De Belastingdienst geeft aan dat het niet mogelijk is om op voorhand een vast zakelijk rentepercentage te benoemen. Dit is namelijk afhankelijk van de feiten en omstandigheden. Desondanks geeft de Belastingdienst aan dat onder de feiten en omstandigheden zoals hiervoor beschreven aangesloten kan worden bij de rente op Nederlandse staatsobligaties met een vergelijkbare looptijd vermeerderd met een beperkte risico-opslag.
Overleg met adviseur
Overweeg je met je vereniging een vergelijkbaar fiscaal aantrekkelijk obligatieplan? Overleg dan met onze adviseurs. De uitspraak van de Belastingdienst betekent namelijk niet dat elke obligatieplan zonder meer aan de voorwaarden voldoet. Zo kan er onder meer discussie ontstaan over de vraag of de vereniging over de vereiste middelen beschikt om aan de terugbetalingsverplichting te voldoen of over de zakelijkheid van het rentepercentage.
Archief van Categorie: Prive
Fiscaal aantrekkelijk obligatieplan voor (sport)vereniging
De Belastingdienst heeft zich uitgesproken over de mogelijkheid voor een vereniging om via obligatieleningen van de leden op een fiscaal aantrekkelijke manier geld aan te trekken. Hoe werkt dit?
Met ingang van 1 juli 2026 hanteert de Belastingdienst in beginsel een standaard betalingsregeling voor particulieren die om uitstel van betaling vragen. Wat houdt dit in?
De Raad van State heeft beslist dat de Dienst Toeslagen tot 3 juni 2027 geen dwangsommen hoeft te betalen als ze niet of te laat beslissen op verzoeken om vergoeding van de werkelijke schade in de toeslagenaffaire.
Kun je na de verrekening van een verlies met een ouder jaar verzoeken box 3 in dat oudere jaar anders tussen partners te verdelen? Een echtpaar legde die vraag voor aan de Hoge Raad.
Het kabinet wil startups en scale-ups fiscaal stimuleren met twee maatregelen: belastingheffing in box 3 door middel van vermogenswinst (in plaats van vermogensaanwas) én een lagere loonheffing op het inkomen uit aandelenopties voor werknemers. Ter financiering worden de meewerkaftrek en stakingsaftrek in de IB afgeschaft.
De Belastingdienst berekent 5% belastingrente als een (voorlopige) aanslag inkomstenbelasting (IB) of vennootschapsbelasting (Vpb) 2025 vanaf 1 juli 2026 wordt opgelegd. Dit kunt u voorkomen met een tijdige aangifte of een tijdige aanvraag voorlopige aanslag.
Als de Belastingdienst uw box 3-inkomen verminderde na de massaalbezwaarprocedure, stond uw definitieve aanslag daarna meteen onherroepelijk vast. Kon u eigenlijk uw box 3-inkomen nog anders verdelen met uw fiscale partner, waardoor dit fiscaal gunstiger voor u en uw partner zou zijn? De Belastingdienst vond dat dat niet meer kon, maar de Hoge Raad denkt daar anders over.
Als een echtgenoot of geregistreerd partner bij echtscheiding afziet van zijn recht op een deel van het pensioen van zijn ex-partner, vormt dit dan een schenking?
De Dienst Toeslagen en Geldfit hebben een nieuwe samenwerkingsovereenkomst gesloten voor personen met geldzorgen. Door deze nieuwe samenwerking kunnen burgers en ondernemers sneller hulp krijgen bij financiële problemen, aangezien Geldfit laagdrempelig werkt. Intermediairs kunnen bij cliënten met geldzorgen eenvoudig naar Geldfit doorverwijzen.
De Belastingdienst heeft voor 2025 de uitgangspunten en normen voor de waarde van verpachte gronden gepubliceerd. Met behulp hiervan kan op praktische wijze de waarde van verpachte grond berekend worden voor uw aangifte inkomstenbelasting (IB) 2025.