Om te kunnen spreken van een overgang van onderneming is het van belang dat de onderneming haar identiteit heeft weten te behouden. Hierbij wordt gekeken naar een zevental factoren:
Aard van de betrokken onderneming
Worden materiële activa overgedragen
De waarde van de immateriële activa op datum overgang
Wordt vrijwel al het personeel mee overgenomen?
Wordt de klantenkring overgedragen?
Komen de voor en na overdracht verrichte activiteiten overeen?
Eventuele duur van de onderbrekingen van de activiteiten
Bescherming tegen ontslag
Werknemers worden bij een overgang van onderneming beschermd tegen ontslag vanwege bedrijfseconomische redenen. De vraag is tot hoever deze bescherming reikt.
Uit de rechtspraak volgt dat het ontslagverbod vanwege overgang van onderneming opzij kan worden geschoven als de verkrijger na de overgang besluit tot aanpassing van zijn organisatie op grond van zogenaamde economische, technische of organisatorische redenen, de eETO-redenen. Het gaat dan om redenen die wijzigingen voor de werkgelegenheid met zich meebrengen.
Hoge Raad geeft duidelijkheid
De Hoge Raad heeft zich onlangs gebogen over een zaak waarbij sprake was van overgang van onderneming waarna een werknemer ontslagen werd. De werknemer was sinds 1994 in dienst bij een supermarkt en was op dat moment personeelsverantwoordelijke (P&O) op basis van een dienstverband van acht uur per week. Dit hield in dat hij ondersteunende werkzaamheden verrichtte op het gebied van verzuimregistratie en contracthuishouding. De werknemer kreeg in mei 2023 te horen dat hij van rechtswege in dienst was getreden bij een andere franchisenemer als gevolg van overgang van onderneming. Deze verkrijger beschikte over een servicekantoor waar de HR-taken voor alle supermarkten van de verkrijger centraal worden verricht. De verkrijger stelde zich op het standpunt dat de functie van werkneemster binnen zijn organisatie niet inpasbaar en daarom overbodig was.
Het lukt hem niet de werknemer te herplaatsen. Hij vroeg daarom een ontslagvergunning aan bij het UWV, maar die werd door het UWV geweigerd. Vervolgens ging hij naar de kantonrechter waar hij meer succes had; de kantonrechter ontbond de arbeidsovereenkomst. De werknemer ging hiertegen zonder succes in hoger beroep. Uiteindelijk stelde de werknemer cassatie in bij de Hoge Raad.
Oordeel Hoge Raad
De Hoge Raad overweegt dat het moet gaan om ETO-redenen die geen intrinsiek verband houden met de overgang van onderneming. Dit betekent echter niet dat er geen enkel verband mag bestaan tussen de overgang van onderneming en de aan het ontslag ten grondslag gelegde ETO-redenen. Er moet zowel rekening worden gehouden met de belangen van werknemers als ook met de belangen van werkgevers.
Daarnaast merkt de Hoge Raad op dat naarmate een reorganisatie sneller na de overgang plaatsvindt, de werkgever beter moet kunnen uitleggen waarom het ontslag niet met die overgang samenhangt.
Toch ontslag
In dit geval volgt de Hoge Raad het oordeel van het gerechtshof dat de verkrijger de aangevoerde ETO-redenen voldoende aannemelijk heeft gemaakt. Aan het ontslag van werknemer lag de beslissing van de verkrijger om de werkzaamheden anders te organiseren en dat stond los van de overgang van onderneming.
Archief van Thema’s: Personeel en Lonen
Wanneer is ontslag na overgang onderneming mogelijk?
Bij een overgang van onderneming gaan als uitgangspunt de rechten en plichten van de werknemers over naar de nieuwe eigenaar, de verkrijger. De werknemers treden van rechtswege automatisch in dienst bij de verkrijger. Wanneer is ontslag wel mogelijk? Een casus van de Hoge Raad.
Waarom betaal ik zoveel meer belasting over de vergoeding voor mijn overwerk, bonussen en andere extra’s dan over mijn normale salaris? Dat is een vraag die u als werkgever waarschijnlijk weleens van uw werknemers krijgt. Hoe zit het nu echt?
Bedrijven tot 250 werknemers worden hoogstwaarschijnlijk met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2026 uitgezonderd van de verplichting om over het zakelijke verkeer en het woon-werkverkeer van werknemers te rapporteren. Dat staat in een internetconsultatie.
Leent u wel eens personeel in voor uw onderneming, bijvoorbeeld bij tijdelijke drukte of seizoenswerk? Zorg dan dat u voldoet aan alle regelgeving. Anders loopt u het risico op hoge boetes of aansprakelijkheid voor loonheffingen en btw. Waar moet u op letten en wat moet u regelen?
Soms is het gedifferentieerde premiepercentage Werkhervattingskas, Whk, in uw aangifte loonheffingen anders dan het percentage dat de Belastingdienst heeft vastgesteld. Verzoek dan om een teruggaaf of om een naheffing. Dan kan nu ook voor het jaar 2026.
Als u uw personeel van kleding of werkkleding wilt voorzien, kan dit belastingvrij. Hier zijn wel strikte voorwaarden aan verbonden. De Belastingdienst heeft hierover onlangs wat regels geüpdatet en aangevuld in een speciale handreiking voor adviseurs. Deze zijn ook voor u als werkgever handig om te weten.
Verstrekt u aan uw personeel een fiets van de zaak? Heeft u als dga een fiets van de zaak? Dan bedraagt het bijtellingspercentage voor uw werknemer of voor u als dga 7%. Wat zijn de verdere fiscale randvoorwaarden voor deze regeling, welk type fiets valt hieronder, hoe zit het met privégebruik en met de fiets van de ondernemer in de inkomstenbelasting?
De bv drijft een onderneming. Als deze onderneming in de loop van het jaar stopt, wat betekent dit dan voor het gebruikelijk loon voor bijvoorbeeld de dga in dat jaar?
Via een internetconsultatie kunnen belangstellenden reageren op voorgenomen wijzigingen van de Subsidieregeling ondersteuning werkgevers inzet statushouders (SOWIS). De wijzigingen vloeien voort uit een evaluatie van de regeling en signalen uit de praktijk.
Voor 1 april 2026 vindt de afrekening van de werkkostenregeling (WKR) over 2025 plaats. Weet u welke vergoedingen en verstrekkingen onder de WKR vallen? Weet u tot welk bedrag u mag gaan? En wat gebeurt er als u het maximale bedrag overschrijdt? U vindt de antwoorden en meer in deze praktische advieswijzer.