Teruggave bpm bij export bestelauto van vóór 1 januari 2025?
Bestaat recht op teruggaaf bpm bij export van een bestelauto ouder dan vijf jaar met een datum eerste toelating vóór 1 januari 2025?
Voor een bestelauto is net als voor een personenauto bpm verschuldigd. Tot 1 januari 2025 konden ondernemers hiervoor echter onder voorwaarden een ondernemersvrijstelling krijgen. De Belastingdienst heeft antwoord gegeven op de vraag of bij export van een gebruikte bestelauto van vóór 2025 teruggave van bpm plaatsvindt, als voor deze bestelauto eerder bpm is betaald.
De Belastingdienst gaat in het antwoord uit van een situatie waarbij voor een bestelauto met een datum van eerste toelating van vóór 2025, eerder bpm was betaald. Dit gold voor situaties waarbij niet of niet langer aan de voorwaarden voor de bpm ondernemersvrijstelling was voldaan. Zo was de vrijstelling onder meer niet van toepassing als minder dan 10% van de met de bestelauto gereden kilometers zakelijk was.
Onder de tot 2025 geldende regeling was, als niet langer aan de voorwaarden werd voldaan, slechts bpm verschuldigd als na het tijdstip waarop een bestelauto voor het eerst in gebruik was genomen, een periode van minder dan vijf jaar was verstreken. Zo kon een bestelauto dus na vijf jaar ook bpm-vrij verkocht worden aan een particulier.
De vraag was of bij export recht bestaat op een teruggaaf van rest-bpm op het moment dat voor zo’n bestelauto van vóór 2025 al meer dan vijf jaar zijn verstreken na de datum van eerst ingebruikname. De Belastingdienst maakt duidelijk dat bij export andere regels gelden: ook na vijf jaar kan nog steeds een deel van de bpm teruggekregen worden bij export van een bestelauto van vóór 2025. Voorwaarde is wel dat voor die bestelauto daadwerkelijk eerder bpm is betaald.
Hoeveel bpm er teruggegeven wordt, is afhankelijk van de leeftijd van de auto. Hoe ouder de auto, hoe lager de bpm-teruggave. Er bestaat nog recht op teruggave tot een periode van 17 jaar en 10 maanden na de eerste ingebruikname. Daarna krijgt men bij export geen bpm meer terug.
Let op! De antwoorden van de Belastingdienst hebben alleen betrekking op bestelauto’s waarvan de datum van eerste toelating vóór 1 januari 2025 lag.
Bestaat recht op teruggaaf bpm bij export van een bestelauto ouder dan vijf jaar met een datum eerste toelating vóór 1 januari 2025?
De Belastingdienst heeft bevestigd dat in de periode vóór oprichting van een bv (de voorperiode) de gebruikelijkloonregeling niet van toepassing is.
Het Ministerie van Financiën is een project gestart over de vereenvoudiging van de winstbelastingen. Ook ondernemers kunnen hun ervaringen met complexe fiscale regels of hoge administratieve lasten via een enquête delen met het ministerie.
Je kunt post, waaronder aanslagen, van de Belastingdienst desgewenst digitaal ontvangen via de Berichtenbox. Wat zijn je rechten als de Belastingdienst je geen emailnotificatie stuurt dat er een bericht in je Berichtenbox geplaatst is?
Heb je als burger of bedrijf problemen omdat een overheidsorgaan van een ander EU-land, IJsland, Liechtenstein of Noorwegen, de EU-wetgeving niet naleeft? Dan kun je dit proberen op te lossen via Solvit.
Are you, as a citizen or business, facing problems because a government agency in another EU country, Iceland, Liechtenstein, or Norway is not complying with EU law? If so, you can try to resolve this through Solvit.
Er komt waarschijnlijk een moment dat je jouw bedrijf gaat overdragen. Of dat nu is om financiële redenen, je leeftijd, vanwege gezondheidsredenen of als appeltje voor de dorst. Wat de reden ook is, een bedrijfsoverdracht is niet van de ene op de andere dag geregeld en vergt vaak jaren van voorbereiding. Begin dus op tijd.
De motorrijtuigenbelasting (mrb) van bestelauto’s van ondernemers en voor vrachtauto’s wordt van 1 juli 2026 tot en met 31 december 2026 verlaagd. Voor wie en welke auto’s geldt deze verlaging en hoe werkt de verlaging uit?
As of May 1, 2026, the Dutch Tax and Customs Administration and the Benefits Service will switch from ING to Rabobank. This means that the account numbers will also change.
Starting January 1, 2026, Dutch merchants may no longer make or accept cash payments of €3,000 or more. The base amount of the fine for violating this prohibition is a fixed amount of €10,000.